Terugblik kennissessie 'Samen naar een groter publieksbereik' 14-6

Terugblik kennissessie 'Samen naar een groter publieksbereik' 14-6   

vrijdag 22 juni 2018

In Rotterdam hebben de culturele instellingen zichzelf ten doel gesteld om gezamenlijk zoveel mogelijk Rotterdammers te bereiken. Vorig jaar zijn de Werkgroep Publieksbereik en Rotterdam Festivals daarom gestart met het project Publieksbereik Rotterdam. Binnen dit project wordt vraag en aanbod voor kunst en cultuur in kaart gebracht d.m.v. verschillende typen onderzoek. Voor fase 1 (inzicht krijgen in het aanbod) leverden alle cultuurplaninstellingen in januari bezoekersdata aan bij Rotterdam Festivals om deze te koppelen aan het segmentatiemodel Mosaic. Inmiddels zijn de analyses uitgevoerd. Op 25 mei hebben alle instellingen hun eigen bezoekersprofiel per mail ontvangen.

Om onderling het gesprek op gang te brengen over wat deze informatie precies betekent, hoe deze gebruikt kan worden om de eigen publieksdoelstellingen te optimaliseren en hoe we dit kunnen inzetten t.b.v. het gezamenlijk vergroten van het publieksbereik organiseerden Rotterdam Festivals en de werkgroep Publieksbereik op 14 juni 2018 een bijeenkomst in het Maritiem Museum. Een mooie mix van directeuren, marketeers en programmeurs van diverse cultuurplaninstellingen was hierbij aanwezig.


De middag startte met een vraaggesprek met een aantal vertegenwoordigers van cultuurplaninstellingen over wat zij vonden van hun eigen plaatje dat zij hadden ontvangen. Was het een verrassing of herkenden zij zich in het beeld? Wat vonden ze het meest opvallend aan de resultaten? En hoe gaan zij hiermee intern aan de slag? Vinod Singh, marketeer bij Bird, vertelde dat hij met name verrast was door het hoge percentage bezoekers van buiten Rotterdam. Ook inwoners van omliggende grote steden als Amsterdam en Utrecht bleken bereid om voor een concert naar Bird te reizen. Verder benadrukte hij dat hij blij was met het diverse publieksprofiel dat naar voren kwam (veel uit de doelgroepen met cultuur als ongebruikelijk). Waarschijnlijk zal dit beeld nog verder versterkt worden wanneer volgende jaar ook gegevens van gratis activiteiten en kaartkopers aan de deur worden verzameld en meegenomen.




Voor de Bibliotheek Rotterdam zijn twee losse analyses uitgevoerd: één voor hun leden en één voor hun bezoekers. Ivo Kuijf, adviseur marketing bij de Bibliotheek, benoemde dat tussen de twee een duidelijk verschil te zien was: met het lidmaatschap wordt een goede vertegenwoordiging van de Rotterdammer bereikt, het bezoek concentreerde zich met name onder de doelgroepen met cultuur als gebruikelijk. Uitdaging voor komend jaar ligt voor de Bibliotheek nog bij het verzamelen van gegevens van mensen die in de Bibliotheek verblijven om bv. te studeren, te schaken of elkaar te ontmoeten. Ook Ruud Visschedijk, directeur van het Nederlands Fotomuseum en voorzitter van de Werkgroep Publieksbereik, deelde zijn ervaringen. Dagvoorzitter Reinier Weers vroeg hem daarnaast hoe hij zich vanaf 1 september in zijn nieuwe rol als directeur van KCR gaat ontfermen over het in kaart brengen van de educatieactiviteiten.

Vervolgens werden de aanwezigen 1 op 1 aan een interessante partner gematcht. Aan hen de taak om te ontdekken waarom zij bij elkaar gezet waren. Dit leverde vruchtbare gesprekken op waarbij de voor iedereen uitgedraaide overzichten voor het Rotterdamse publieksprofiel naast elkaar gelegd werden. Lijkt het publieksbereik juist erg op elkaar en biedt dit dus kansen om samen op te trekken (verdieping)? Of is de ander juist een goede aanvulling op jouw verdeling (verbreding)?


Door Cynthia en Tamara werd daarna een tipje van de sluier opgelicht rondom de overkoepelende analyses. Overall kan gesteld worden dat er door de culturele instellingen tezamen ten opzichte van de samenstelling van Rotterdam bepaalde doelgroepen oververtegenwoordigd worden en andere juist onder (zie afbeelding hieronder). Per sector zijn er slechts kleine verschillen te zien: meeste Stadse Alleseters bij festivals, Kleurrijke Knokkers vooral bij zelf actief / talentontwikkeling en musea, etc. Wanneer we op instellingsniveau kijken zien we echter dat plaatjes erg van elkaar verschillen; iedere instelling heeft duidelijk een eigen kerndoelgroep. Bij de één is dat heel uitgesproken de Actieve Families, bij de ander juist de Modale Cultuurmijders, weer een ander de Stadse Alleseters.

Een fijne constatering, want niet iedere instelling hoeft er voor alle Rotterdammers te zijn. Het is juist goed als iedereen in zijn eigen kracht staat, zolang we gezamenlijk maar afstemmen voor een goede totale dekking.


In de zomer worden deze overall analyses nog verder uitgediept. Een en ander zal tijdens het eerstvolgende Directeurenoverleg gepresenteerd worden. Het onderwerp zal ook op de agenda staan tijdens de volgende grote kennisbijeenkomst op 15 november. De bedoeling is om dan een overkoepelend dashboard te lanceren, dat door iedere instelling te raadplegen is. Hierin wordt bijvoorbeeld zichtbaar hoe een specifiek museum zich verhoudt tot collega musea in de stad (op geaggregeerd niveau). De zomer zal ook de tijd zijn waarin er een aanvullend kwalitatief onderzoek uitgevoerd wordt naar de non-attenders, om de vraag in kaart te krijgen.
Waar liggen hun interesses? Wat doen ze in hun vrije tijd? Wat weerhoudt hen van een cultuurbezoek? Het onderzoeksbureau Labyrinth zal dit gaan uitvoeren. Eline Huiberts was aanwezig om input vanuit de instellingen op te halen. Op welke plekken vinden zij dat er geënquêteerd moet worden om de niet-bezoekers te bereiken? En over welke onderwerpen zou de doelgroep bevraagd moeten worden? Goede suggesties voor locaties als op de markt, in bejaardenhuizen, bij sportverenigingen en in parken boden fijne eerste aanknopingspunten. Onderwerp moet zijn de vrijetijdsbesteding in de breedste zin, plus eventuele drempels als geld/budget, locatie en tijd. De resultaten van het kwalitatieve onderzoek zullen ook gepresenteerd worden tijdens de grote kennisbijeenkomst op 15 november.

Presentaties:
- Rotterdam Festivals
- Onderzoeksbureau Labyrinth